A-  |  A+  |  Homepage  |  Favorieten  |  English version - international interest rates
Ga terug naar de hoofdpagina van HomeFinance Ga terug naar de hoofdpagina van HomeFinance
HYPOTHEEK
Alle onderwerpen
Ga naar de homepage – voor hypotheek, financieel advies en verzekeringen
HypotheekinformatieHypotheekrenteaftrekAanpassingen 

Aanpassingen hypotheekrenteaftrek vanaf 1990

Wie de discussies rond de hypotheekrenteaftrek volgt, kan eenvoudig tot de conclusie komen dat de aftrekmogelijkheden nog niet of nauwelijks beperkt zijn. Echter, wie even achterom kijkt, zal zich wellicht hierover verbazen. Vanaf 2001 is de fiscaliteit rond hypotheken enorm veranderd. Niet alleen de hypotheekrenteaftrek is op veel punten al ingeperkt, ook middels het eigenwoningforfait zijn al veel van de voordelen van de hypotheekrenteaftrek geneutraliseerd. Onderstaand een chronologisch overzicht:

1997: consumptieve rente niet meer aftrekbaar.

Vanaf 1 januari 1997 is de betaalde rente op een financiering die afgesloten is voor consumptieve bestedingen niet meer fiscaal aftrekbaar. Hierbij valt te denken aan de rente die verschuldigd is voor een persoonlijke lening of hypotheek die is afgesloten voor de aankoop van bijvoorbeeld een auto of boot.

Hypotheekrente is voortaan alleen nog aftrekbaar voor woningen in eigendom, daarbij maakt het niet of de woning als hoofdverblijf geldt. Dus ook voor een vakantiewoning blijft de hypotheekrente aftrekbaar. De rente op financiering van (grote) consumptieve uitgaven met een eigen woning als onderpand is echter niet meer aftrekbaar.

2001: tweede woning niet meer aftrekbaar

Vanaf 2001 is alleen de rente die verschuldigd is op een lening die afgesloten is in verband met de aankoop, het onderhoud of de verbetering van de eerste eigen woning nog aftrekbaar. Voor de vakantiewoning is de rente nu niet meer fiscaal aftrekbaar.

2001: hypotheekrente maximaal 30 jaar aftrekbaar

Ook is vanaf 1 januari 2001 deze betaalde hypotheekrente nog maximaal 30 jaar aftrekbaar. Voor woningen die voor deze datum zijn gekocht, is deze datum van 1 januari 2001 bepalend en gaat de duur van 30 jaar gelden.

2001: Kapitaalverzekering eigen woning

Per 1 januari 2001 is ook de box 1 polis ingevoerd. De polis wordt ook wel KEW-polis genoemd (Kapitaalverzekering Eigen Woning). De polis geeft recht op een onbelaste uitkering als aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan.

2004: Bijleenregeling

De bijleenregeling wordt ingevoerd, waardoor overwaarde of verkoopwinst uit voorgaande woningen voortaan bij aanschaf van een volgende woning ingebracht moet worden; anders is er geen recht op hypotheekrenteaftrek voor dat deel. Met andere woorden: de opbrengst bij verkoop van een eigen woning na aflossing van de op die woning gevestigde hypotheek (overwaarde) moet worden gebruikt bij den aankoop van de volgende eigen woning.

2008: Banksparen

Per 1 januari 2008 is het banksparen ingevoerd: met banksparen kan fiscaal vriendelijk gespaard worden voor de aflossing van de hypotheek. Sinds januari 2008 kan daartoe ook via een bankspaarrekening gespaard worden voor de aflossing van een hypotheek (bankspaarhypotheek). Met deze bankspaarrekening kan de hypotheek vervolgens belastingvrij afgelost worden als aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan.

2009: Geen maximaal eigenwoningforfait meer

De maximering van de bijtelling eigenwoningforfait wordt afgeschaft. Tot 2009 kon het eigenwoningforfait maximaal € 9.300 bedragen; het eventuele meerdere hoefde niet aangegeven te worden. Voor woningen vanaf ruim € 1,6 miljoen betekende dit in feite een lastenverzwaring, wat nogal eens als een beperking van de hoge mate van hypotheekrenteaftrek voor deze doelgroep wordt gezien.

2010: Hogere staffel eigenwoningforfait

Voor woningen met een WOZ-waarde groter dan € 1.010.000 komt er voor het meerdere een hoger percentage bijtelling. Dit percentage bijtelling wordt ook nog eens jaarlijks met 0,257% opgehoogd. Zo wordt dit percentage in stappen verhoogd vanaf 0.80% in 2010 tot 2.35% in 2016. Ook deze aanpassing voor woningen in de hoge prijsklasses wordt vaak al gezien als een beperking van de hypotheekrenteaftrek.

2010: Goedkoperwoningregeling

Per 1 januari 2010 werd de goedkoper wonenregeling afgeschaft. Dit betekende dat de voorgaande eigenwoningschuld niet meer konden worden behouden, maar alle verkoopwinst (overwaarde) verrekend moest worden met de nieuwe koopwoning. Kort gezegd: de nieuwe eigenwoningschuld / hypotheek kon nu lager worden dan de oude eigenwoningschuld omdat alle overwaarde verplicht verrekend moest worden.

Kortom, de hypotheekrenteaftrek is al in grote mate beperkt sinds 2001. Deze beperkingen hebben als vervelende bijwerking dat ze de hypotheekrenteaftrek complex en minder inzichtelijk hebben gemaakt. Daardoor is het voor de leek steeds lastiger om te bepalen of er recht is op hypotheekrenteaftrek en welke voorwaarden daarvoor gelden.

Op de pagina de werking van hypotheekrenteaftrek gaan we hier verder op in.