Bij 35% van de ondervraagde appartementseigenaren was de vve-bijdrage volgens een enquête uit februari 2026 met € 50 tot € 100 per maand gestegen. Een hogere bijdrage garandeert geen voldoende reserve. Volgens Vereniging Eigen Huis heeft bijna één op de vijf vve’s te weinig in kas voor noodzakelijk onderhoud. Vve’s moeten sinds 2018 jaarlijks geld opzijzetten voor groot onderhoud, op basis van een meerjarenonderhoudsplan of minimaal 0,5% van de herbouwwaarde van het gebouw. Voor appartementseigenaren kan dat betekenen dat hun maandlasten verder oplopen, ook als hun hypotheekrente gelijk blijft.
De enquête laat ook hogere uitschieters zien
De enquête van Vereniging Eigen Huis werd in februari 2026 gehouden onder 655 appartementseigenaren, van kleine én grote woningen. Bij 13% van hen steeg de maandelijkse bijdrage met meer dan € 100. Achter het gemiddelde gaan flinke verschillen schuil. Wat je betaalt, hangt af van de plannen en de financiële positie van jouw vereniging van eigenaars, kortweg vve.
Ook bij hogere kosten willen eigenaren investeren in onderhoud. Van de ondervraagden zegt 65% meer te willen betalen voor een goed onderhouden pand. De lastige afweging in de begroting is hoeveel geld er nodig is voor het gebouw en hoeveel bewoners daarvoor elke maand opzij moeten zetten.
Reservefonds
Vve’s die bij de invoering van de reserveringsplicht nog niets opzijzetten, kregen tot 1 januari 2021 de tijd om dat te regelen. Het geld komt in een reservefonds voor toekomstig groot onderhoud aan het gebouw. Die inleg is onderdeel van de vve-bijdrage die je maandelijks betaalt, ook in jaren waarin er geen grote werkzaamheden plaatsvinden.
Een meerjarenonderhoudsplan, vaak afgekort tot MJOP, zet op een rij welk werk de komende jaren aan het gebouw wordt verwacht. De vve kan haar jaarlijkse reservering baseren op de geplande werkzaamheden. Gebruikt ze de wettelijke ondergrens op basis van de herbouwwaarde, dan gaat het om de waarde van het hele gebouw. Je kunt 0,5% van die waarde dus niet zonder meer omrekenen naar de bijdrage voor jouw appartement.
Een stabiele rente houdt andere woonlasten niet tegen
Voor nieuwe hypotheken met vijf tot tien jaar rentevast lag de gemiddelde Nederlandse rente in juli 2026 op 3,87% in de categorie die DNB en de ECB bijhouden. Dat is een ander soort cijfer dan de vve-bijdrage. De rente is een percentage van je lening, terwijl je vve elke maand een bedrag in euro’s vraagt. Ze bepalen allebei wat je wonen kost, zonder vanzelf samen te bewegen.
Ook binnen de hypotheekrente maakt de gekozen vorm verschil. De Consumentenbond kwam voor nieuwe hypotheken met tien jaar rentevast in 2026 uit op gemiddeld 4,3%. Obvion rekende in oktober 2026 een variabele maandrente van 3,846%, een rente die niet voor een vaste periode is afgesproken. Leg die tarieven daarom niet op één hoop wanneer je je maandlasten bekijkt.
Voor wie een appartement wil kopen, telt de vve-bijdrage mee naast de hypotheekbetaling. Je kunt bij een bezichtiging dezelfde hypotheekrente voor ogen hebben als bij een ander appartement, terwijl de maandelijkse vve-kosten verschillen. Juist daarom zegt een stabiele rente in 2026 weinig over wat jouw totale woonlasten gaan doen.
Rekenvoorbeeld
De uitkomsten van de enquête maken het verschil in je budget concreet. Trek de gemeten stijging van € 65 af van de huidige gemiddelde bijdrage van € 270, dan kom je voor vijf jaar eerder uit op € 205 per maand. Dat is een rekensom met gemiddelden; het bedrag dat jouw vve vraagt, kan anders zijn.
Voor hetzelfde rekenvoorbeeld betaal je door die stijging € 780 extra per jaar, oftewel twaalf maanden maal € 65. Dat bedrag staat los van je hypotheekbetaling. Een begroting waarin alleen de hypotheeklast voorkomt, laat bij een appartement dus een terugkerende woonlast buiten beeld.
Voor subsidies gelden sinds september ruimere grenzen
Verduurzaming kan ook op de vve-begroting komen. Voor maatregelen zoals een warmtepomp kan de vereniging bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, de RVO, de SVVE aanvragen. Dat is subsidie voor verduurzaming door vve’s. De aanvraagperiode loopt van 1 januari 2024 tot en met 31 december 2030.
Sinds 29 september 2026 geldt voor deze subsidie een hoger totaalplafond en is er tot en met 2030 geen maximum meer per aanvragende vve. Dat geeft een vereniging meer ruimte om een aanvraag te doen. Het zegt nog niet wat een gepland project voor jouw maandelijkse bijdrage kost. Daarvoor zijn de plannen en de begroting van jouw eigen vve bepalend.
Wat dit voor jou betekent
- Check in de begroting van je vve welk bedrag naar het reservefonds gaat. Vraag het bestuur hoe die inleg aansluit op het meerjarenonderhoudsplan of de wettelijke ondergrens.
- Bekijk de onderhoudsplanning als de bijdrage stijgt. Vraag bij een geplande warmtepomp of andere verduurzaming na of de vve rekening houdt met de SVVE en wat bewoners zelf betalen.
- Neem bij koopplannen de vve-bijdrage mee naast je hypotheekbetaling. Vraag ook naar de financiële positie van de vereniging, zodat je de huidige bijdrage niet los ziet van gepland onderhoud.
Vergelijk de maandlasten van de hypotheek en de vve samen. Een stijging van € 65 per maand betekent € 780 extra per jaar.
De laagste hypotheekrentes bij 10 jaar rentevast, per geldverstrekker (stand 12 oktober 2026):
| Geldverstrekker | Product | Met NHG | Tot 80% woningwaarde | Tot 100% woningwaarde |
|---|---|---|---|---|
| Centraal Beheer Groen Leef Hypotheek | 3,68% | 3,84% | – | |
| Woonfonds Groen Woongenot Hypotheek | 3,73% | 3,89% | 3,89% | |
| Hypotrust Groen Woon Bewust Hypotheek | 3,81% | 3,87% | – | |
| ASR WelThuis | 3,83% | 3,83% | 3,83% | |
| Argenta Groen Hypotheek | 3,94% | 4,15% | 4,15% | |
| Syntrus Achmea Groen Basis | 4,01% | 4,40% | – |
Bronnen : NOS, vve.nl, nederlandvve.nl, Radar, wooninfo.nl
Dit artikel bevat algemene informatie en is geen persoonlijk financieel advies.