Huiseigenaren van 65 tot 75 jaar hadden in 2023 gemiddeld nog € 182.551 aan hypotheekschuld openstaan, blijkt uit CBS-cijfers. Maar ook binnen de oudere leeftijdsgroepen lopen de bedragen uiteen: bij huishoudens van 75 tot 85 jaar met een koopwoning stond in datzelfde jaar gemiddeld € 137.073 open. Voor jou als huiseigenaar zegt een vergelijking met je eigen leeftijdsgroep daarom meer dan één gemiddelde voor alle hypotheekhouders.
Bij kopers van 40 tot 45 jaar lag het hypotheekbedrag het hoogst
Huizenkopers tussen 40 en 45 jaar hadden in 2024 gemiddeld een hypotheek van € 419.691, het hoogste bedrag van alle leeftijdsgroepen. Dit bedrag gaat over de hypotheek van kopers, terwijl de bedragen voor oudere huiseigenaren laten zien hoeveel zij nog open hadden staan.
Ook bij een hoge hypotheek bij aankoop kan de restschuld van iemand van 40 tot 45 jaar lager liggen. Het CBS ziet dat de gemiddelde openstaande schuld vanaf de groep van 45 tot 55 jaar weer afneemt. Dat past bij huishoudens die na hun aankoop aflossen, al zegt een leeftijdsgemiddelde niets over hoeveel één afzonderlijk huishouden in een jaar terugbetaalt.
Waarom liggen de bedragen bij kopers hoger?
De gemiddelde hypotheek in Nederland liep volgens cijfers van het CBS en het Kadaster op tussen het eerste kwartaal van 2023 en het derde kwartaal van 2024. In het eerste kwartaal van 2024 lag het bedrag al € 23.216 hoger dan een jaar eerder. Wie in die periode kocht, begon daardoor gemiddeld met een grotere lening.
| Periode | Gemiddelde hypotheek |
|---|---|
| Eerste kwartaal 2023 | € 323.250 |
| Eerste kwartaal 2024 | € 346.466 |
| Derde kwartaal 2024 | € 361.790 |
Die bedragen laten zien hoe hoog de hypotheek bij aankoop was. Ze helpen wel verklaren waarom het moment waarop je kocht zo belangrijk is voor een vergelijking met leeftijdsgenoten. Een huishouden dat al langer in dezelfde woning woont, kan intussen hebben afgelost; een recente koper begint vanaf het bedrag van de eigen lening.
Ook tussen oudere leeftijdsgroepen zit nog verschil
Neem de groep van 75 tot 85 jaar uit de intro en zet daar de oudste huiseigenaren naast. Bij koopwoningbezitters van 85 jaar en ouder stond volgens het CBS in 2023 gemiddeld € 113.595 open. Het rekenverschil met die leeftijdsgroep bedraagt € 23.478.
Het verschil tussen deze leeftijdsgroepen laat jouw aflossingsschema buiten beeld. De CBS-cijfers vergelijken verschillende huishoudens op hetzelfde meetmoment; ze volgen geen eigenaar terwijl die ouder wordt. Bovendien komt het bedrag voor kopers van 40 tot 45 jaar uit 2024, terwijl de genoemde openstaande schulden van oudere eigenaren over 2023 gaan.
Vergelijk je jouw restschuld, kijk dan ook naar wat je precies naast elkaar zet. Een hypotheekbedrag bij aankoop en een schuld na jaren in een koopwoning vertellen elk iets anders. Juist bij de oudere groepen maakt dat onderscheid uit: een lagere schuld kan samenhangen met aflossen, maar uit alleen het gemiddelde blijkt niet hoeveel ieder huishouden heeft terugbetaald.
Aflossingsvrij vraagt een andere vergelijking
Ongeveer 45% van de totale Nederlandse hypotheekschuld was volgens DNB in januari 2026 aflossingsvrij. Bij zo’n lening betaal je tijdens de looptijd niet vanzelf een deel van de schuld terug. Heb je daarnaast wel afgelost op een ander deel van je hypotheek, dan vertelt alleen het totale openstaande bedrag nog niet hoe die lening is opgebouwd.
DNB ziet dat veel aflossingsvrije hypotheken aflopen in de periodes 2035-2038 en 2047-2052. Volgens de toezichthouder vormt dat een risico doordat veel huishoudens rond dezelfde jaren met het einde van hun lening te maken krijgen. Voor jouw situatie is daarom vooral van belang welk bedrag op de einddatum nog openstaat en welke mogelijkheden je geldverstrekker dan biedt.
Voor nieuwe aanvragen veranderde er in 2026 ook iets bij twee geldverstrekkers. Rabobank en Obvion scherpten hun beleid per 12 mei aan; daarvoor lag hun grens voor aflossingsvrij lenen op 50% van de marktwaarde van de woning. De wijziging geldt voor nieuwe aanvragen en verandert bestaande hypotheken bij deze geldverstrekkers niet.
De gezamenlijke schuld groeit, jouw saldo kan dalen
Alle Nederlandse huishoudens samen hadden begin 2026 € 947 miljard aan hypotheekschuld openstaan. Volgens het CBS was dat ruim € 85 miljard meer dan in de eerste drie maanden van 2024, toen er € 861,6 miljard openstond. Een stijgende landelijke schuld kan dus samengaan met een dalende restschuld bij huiseigenaren die op hun eigen lening aflossen.
Alleen al in het eerste kwartaal van 2026 nam de gezamenlijke schuld volgens het CBS met € 11,8 miljard toe ten opzichte van het kwartaal ervoor. Uitgedrukt als deel van het bruto binnenlands product, de waarde van wat Nederland in een jaar produceert, bedroeg de hypotheekschuld in dat kwartaal 80,1%. In hetzelfde kwartaal van 2025 was dat 79,5%.
Die landelijke cijfers beschrijven de hypotheekmarkt op nationaal niveau. Voor een vergelijking op huishoudniveau heb je de openstaande schuld nodig, plus de leeftijdsgroep en het meetjaar waarop een gemiddeld bedrag betrekking heeft. Vooral het verschil tussen een lening bij aankoop en een lening waarop al is afgelost blijft daarbij belangrijk.
Wat dit voor jou betekent
Check op je hypotheekoverzicht hoeveel je nog verschuldigd bent en vergelijk dat met een cijfer voor dezelfde soort schuld. Gebruik je de gemiddelde hypotheek van 40- tot 45-jarige kopers uit 2024, houd er dan rekening mee dat het over hun hypotheekbedrag gaat en niet over hun restschuld na jaren aflossen.
Heb je een aflossingsvrij deel, kijk dan welk bedrag daarvan aan het einde van de looptijd overblijft. Valt jouw einddatum in een van de periodes die DNB noemt, dan kun je bij je geldverstrekker navragen welke mogelijkheden je tegen die tijd hebt.
Ga je een nieuwe hypotheek aanvragen bij Rabobank of Obvion, vergelijk dan de voorwaarden die sinds 12 mei 2026 voor nieuwe aanvragen gelden met de opbouw die je voor ogen hebt. Vergelijk daarna de berekende maandlasten van de hypotheekvormen die bij jouw situatie passen.
De laagste hypotheekrentes bij 10 jaar rentevast, per geldverstrekker (stand 28 september 2026):
| Geldverstrekker | Product | Met NHG | Tot 80% woningwaarde | Tot 100% woningwaarde |
|---|---|---|---|---|
| Centraal Beheer | Groen Leef Hypotheek | 3,60% | 3,76% | – |
| Woonfonds | Groen Woongenot Hypotheek | 3,65% | 3,81% | 3,81% |
| Hypotrust | Groen Woon Bewust Hypotheek | 3,69% | 3,76% | – |
| ASR | WelThuis | 3,76% | 3,76% | 3,76% |
| Argenta | Groen Hypotheek | 3,86% | 4,07% | 4,07% |
| Syntrus Achmea | Groen Basis | 3,96% | 4,35% | – |
Bronnen : DNB, CBS, overheid.nl, europa.eu, knab.nl
Dit artikel bevat algemene informatie en is geen persoonlijk financieel advies.