HomeFinance Hypotheken

Hoeveel spaargeld hebben huiseigenaren achter de hand voor onderhoud

Uit een enquête onder 655 appartementseigenaren in februari 2026 blijkt dat zij gemiddeld € 270 per maand aan VvE-kosten betaalden, € 65 meer dan vijf jaar eerder. Maar die maandelijkse bijdrage zegt niet hoeveel geld er voor onderhoud in kas zit, laat staan wat eigenaren zelf hebben gespaard. Voor appartementseigenaren zijn beide van belang: de gezamenlijke VvE-reserve en het spaargeld dat zij zelf voor onderhoud achter de hand hebben.

Onderhoud kost meer dan je denkt

Vereniging Eigen Huis komt op basis van bouwtechnische keuringen uit op gemiddeld € 11.000 aan onderhoud in vijf jaar voor een woning. Dat is omgerekend zo’n € 183 per maand. Zo’n gemiddelde helpt je om een bedrag te kiezen voor je spaarpot, maar de rekening komt zelden netjes in maandelijkse termijnen. Een klus kan daardoor veel geld vragen terwijl je in de maanden ervoor weinig hebt uitgegeven.

Voor wie ook rekening houdt met achterstallig en groot onderhoud, noemt Vereniging Eigen Huis een hoger richtbedrag van zo’n € 300 per maand. Het verschil tussen die bedragen zit vooral in wat je meerekent. Met een oudere woning of onderhoud dat al is blijven liggen, geeft het gemiddelde op basis van keuringen je dus niet vanzelf genoeg ruimte voor de volgende grote klus.

Waarom wordt onderhoud uitgesteld?

Geld apart zetten lukt niet iedereen, ook als het belang van onderhoud duidelijk is. In het ING Woonbericht van januari 2024 vond 85% van de ondervraagde huiseigenaren en huurders woningonderhoud belangrijk. Toch stelde ongeveer een kwart van de huiseigenaren noodzakelijk werk uit. Wie een reparatie voor zich uitschuift, houdt op dat moment geld beschikbaar voor andere uitgaven, maar het werk aan de woning blijft liggen.

Ruim 40% van de huiseigenaren gaf in datzelfde ING-onderzoek aan eigenlijk meer aan hun woning te moeten doen. Dat zegt iets anders dan hoeveel spaargeld zij hebben: ook de kosten van een klus en het moment waarop die nodig is, tellen mee. Een vast maandbedrag reserveren kan ruimte geven, maar bestaande achterstand verdwijnt daarmee niet in één keer.

Voor sommige huishoudens is zelfs een klein bedrag opzijzetten lastig. Volgens het CPB geeft ongeveer 13% van de Nederlandse huishoudens maandelijks al het binnenkomende geld weer uit. Een reservering voor woningonderhoud moet bij die groep concurreren met uitgaven die nu betaald moeten worden. Daardoor kan de benodigde spaarpot op papier duidelijk zijn, terwijl het opbouwen ervan in de praktijk nauwelijks lukt.

Bij een appartement deel je de rekening met andere eigenaren

Woon je in een appartement, dan loopt het onderhoud van het gebouw via de Vereniging van Eigenaars, de VvE. De gezamenlijke bijdrage dekt ook andere kosten, zoals administratie en verzekeringen. Je kunt aan je maandbedrag dus niet aflezen welk deel daadwerkelijk voor een toekomstige reparatie wordt bewaard. Daarvoor moet je kijken naar de reserve van de vereniging en het onderhoud dat nog op de planning staat.

Bij een woning zonder VvE is er geen vergelijkbare wettelijke plicht om persoonlijk geld voor onderhoud te sparen. Je bepaalt zelf hoeveel je achter de hand houdt. Dat geeft vrijheid, maar maakt het ook makkelijker om een reservering over te slaan als andere woonlasten voorrang krijgen. Bij een appartement betaal je verplicht mee aan de gezamenlijke kosten; voor onderhoud binnen je eigen woning heb je daarnaast je eigen spaargeld nodig.

Rekenvoorbeeld: wat betekent de WOZ-waarde?

Stel dat je woning een WOZ-waarde van € 350.000 heeft. Neem je 1% als rekenbasis, dan kom je uit op € 3.500 per jaar, of ongeveer € 292 per maand. Het Nibud spreekt van ruim 1%, dus dit voorbeeld is een beginpunt en niet het volledige richtbedrag. De som laat vooral zien wat een percentage van je woningwaarde in maandelijkse euro’s betekent.

Leg zo’n uitkomst niet rechtstreeks naast de volledige bijdrage voor een appartement. Die betaling omvat immers meer dan een storting voor onderhoud. Ook meet de WOZ-waarde van één woning iets anders dan de waarde die een VvE gebruikt om haar wettelijke reservering te bepalen. Voor je eigen spaarpot en voor de gezamenlijke kas heb je daarom verschillende gegevens nodig.

De wet schrijft een VvE-reserve voor, geen volle kas

Sinds 1 januari 2018 moet een VvE een reservefonds voor groot onderhoud aanhouden. Is er een actueel meerjarenonderhoudsplan, dan volgt de jaarlijkse reservering uit dat plan. Zo’n plan zet het verwachte onderhoud van het gebouw voor de komende jaren op een rij. Zonder actueel plan geldt als minimum een jaarlijkse inleg van 0,5% van de herbouwwaarde, de waarde die wordt gebruikt voor het opnieuw bouwen van het pand.

Die wettelijke ondergrens vertelt je nog niet of er genoeg geld beschikbaar is voor het werk dat eraan komt. Een gebouw met een grote onderhoudsklus op de planning kan meer nodig hebben dan de minimale jaarlijkse inleg. Juist daarom zijn het saldo van het reservefonds en het onderhoudsplan nuttiger om samen te bekijken dan alleen de vraag of de VvE aan de reserveringsplicht voldoet.

Voor je persoonlijke spaargeld vernieuwde het Nibud in mei 2026 de BufferBerekenaar. Daarmee kun je inschatten hoeveel je nodig hebt voor noodzakelijke uitgaven, waaronder woningonderhoud, onderhoud aan een auto en de vervanging van apparaten. Het Nibud noemt daarnaast ongeveer 10% van het maandinkomen als algemene richtlijn om een buffer op te bouwen. Die richtlijn gaat dus over meer dan alleen je woning.

Wat dit voor jou betekent

  • Heb je een eigen huis zonder VvE? Check welke WOZ-waarde voor jouw woning geldt en reken de onderhoudsvuistregel om naar een maandbedrag dat je met je huidige reservering kunt vergelijken.
  • Heb je een appartement? Vraag na wat er in de gezamenlijke kas zit en bekijk welke werkzaamheden in het meerjarenonderhoudsplan staan. Zo zie je meer dan alleen de bijdrage die je betaalt.
  • Vergelijk je spaargeld ook met andere uitgaven die je zelf moet kunnen opvangen. De BufferBerekenaar van het Nibud neemt naast woningonderhoud ook andere noodzakelijke kosten mee.

Bij € 350.000 WOZ-waarde is 1% ongeveer € 292 per maand. Bereken hoeveel je zelf voor onderhoud reserveert en vergelijk dat met de verwachte kosten voor jouw woning.

Bekijk spaarrente

Bronnen : NOS, Nibud, Rijksoverheid, Tweede Kamer, koosrook.nl

Dit artikel bevat algemene informatie en is geen persoonlijk financieel advies.

Artikel delen

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Hoeveel spaargeld hebben huiseigenaren achter de hand voor onderhoud

Snel naar onze berekeningen

Overwaarde berekenen

Vrijblijvend hypotheekgesprek

Gratis een vrijblijvend hypotheekgesprek zonder verplichtingen