HomeFinance Hypotheken

Vanaf volgend jaar betalen deze spaarders opeens veel meer belasting

In 2027 wil het kabinet het heffingsvrij vermogen in box 3 verlagen naar € 30.846 per persoon, tegenover € 59.357 in 2026. Na bezwaren in de Tweede Kamer wil minister Eelco Heinen kleine spaarders ontzien, waardoor de grens voor 2027 nog niet vaststaat. Voor spaarders met een vermogen tussen die bedragen staat op het spel of zij volgend jaar voor het eerst box 3-belasting betalen. Het tarief blijft in 2027 36%, terwijl voor spaargeld voorlopig wordt gerekend met een fictief rendement van 1,27%.

Het kabinet rekende op 1,2 miljoen nieuwe belastingplichtigen

Het kabinet schatte bij zijn voorstel van 29 september 2026 dat ongeveer 1,2 miljoen mensen voor het eerst belasting in box 3 zouden gaan betalen. Dat gaat om mensen die onder de huidige grens blijven, maar boven de voorgestelde grens uitkomen. Die 1,2 miljoen is dus een berekening bij het oorspronkelijke voorstel, geen vastgesteld aantal belastingbetalers.

De vrijstelling geldt per persoon. Heb je een fiscaal partner, dan mogen jullie voor de belastingaangifte in 2026 samen € 118.714 aan spaargeld en beleggingen hebben voordat box 3 in beeld komt. Voor 2027 hangt de gezamenlijke grens af van het bedrag dat uiteindelijk in de wet belandt. Je kunt de uitkomst voor een alleenstaande dus niet zomaar op ieder huishouden plakken.

De aanleiding

Op Prinsjesdag 2026 lag nog een heel ander bedrag op tafel. Het kabinet wilde de vrijstelling voor 2027 toen licht verhogen naar € 60.098 per persoon. Twee weken later kwam het voorstel om de grens juist te verlagen. Daarmee wilde het kabinet de inkomsten compenseren die wegvallen doordat een geplande bezuiniging op de WW wordt geschrapt.

Tijdens de Algemene Financiële Beschouwingen, eind september en begin oktober 2026, kreeg die dekking kritiek in de Tweede Kamer. Minister van Financiën Eelco Heinen zei daarop dat hij kleine spaarders en beleggers wil ontzien. Een vervangend bedrag voor de vrijstelling heeft hij nog niet bekendgemaakt. Daardoor kun je de mogelijke belasting voor 2027 wel uitrekenen op basis van het voorstel, maar nog niet als vaststaande rekening zien.

Ook beleggers kunnen door de lagere grens worden geraakt

Box 3 gaat over meer dan spaargeld: ook beleggingen tellen mee bij het vermogen waarover je mogelijk belasting betaalt. De groep die door het voorstel voor het eerst belastingplichtig wordt, bestaat dus niet uitsluitend uit spaarders. Hoe jouw vermogen is verdeeld, maakt daarbij uit. Het voorlopige rendement voor spaargeld kun je niet zonder meer gebruiken om de belasting over aandelen uit te rekenen.

Bij een lager heffingsvrij vermogen telt bovendien alleen het deel bóven de grens mee voor de berekening. Zit je net boven de grens, dan berekent de Belastingdienst de belasting niet over je hele spaarrekening. Voor iemand die uitsluitend spaargeld heeft, komt de voorgestelde heffing neer op 0,4572% van het bedrag boven de grens. Dat percentage volgt uit het voorlopige rendement en het belastingtarief voor 2027; de uiteindelijke vrijstelling staat nog open.

Rekenvoorbeeld

Neem iemand met € 50.000 spaargeld en verder geen vermogen in box 3. In 2026 blijft dat bedrag onder de vrijstelling en is er geen box 3-belasting verschuldigd. Als de voorgestelde grens voor 2027 doorgaat, valt € 19.154 van dat spaargeld erboven.

De rekensom voor 2027 is dan: € 19.154 × 1,27% voorlopig rendement × 36% belasting. Dat levert € 87,57 per jaar op, uitgaande van alleen spaargeld en de voorgestelde vrijstelling. De uitkomst in het plan is dus geen belasting over alle € 50.000. En als de politiek de grens alsnog anders vaststelt, verandert ook deze voorbeeldrekening.

Over de aangepaste plannen moet nog worden gestemd

Heinen stuurde op 2 oktober 2026 een novelle, een wijziging van een wetsvoorstel, naar de Raad van State voor advies. Die aanpassing had op dat moment nog geen volledig geregelde financiële dekking. De Kamerbesluiten moeten nog volgen voordat duidelijk is welke regels gaan gelden.

  • Op 9 oktober 2026 vroeg de vaste Kamercommissie voor Financiën om meer informatie over een mogelijke stemming in de Tweede Kamer op 12 november 2026.
  • De Eerste Kamer moet de novelle vóór 31 december 2026 aannemen om dat voorstel definitief te maken. Een stemming in de Tweede Kamer alleen is daarvoor niet genoeg.

De novelle gaat ook over een grotere verbouwing van box 3. Volgens dat plan zou je voor aandelen, obligaties en opties vanaf 2028 pas belasting betalen over winst wanneer je verkoopt. Uiterlijk in 2030 zou de rest van het vermogen volgen, waaronder rechtstreeks aangehouden crypto. Dat is een ander vraagstuk dan de hoogte van de vrijstelling voor spaarders in 2027.

Wat dit voor jou betekent

Check bij je vermogen hoeveel daarvan spaargeld is en hoeveel beleggingen zijn. Kijk ook of je een fiscaal partner hebt: voor de aangifte over 2026 geldt dan een gezamenlijke vrijstelling, terwijl het bedrag voor 2027 nog moet worden vastgesteld. Zit je rond de voorgestelde nieuwe grens, houd dan vooral de behandeling in beide Kamers in de gaten.

Wil je de mogelijke gevolgen voor uitsluitend spaargeld inschatten, reken dan alleen over het bedrag boven de voorgestelde grens met het voorlopige spaarrendement en het tarief voor 2027. Gebruik die uitkomst niet als definitieve belastingaanslag zolang de vrijstelling nog kan veranderen. Vergelijk je uitkomst met je huidige situatie en bereken opnieuw als de vrijstelling voor 2027 vastligt. De novelle moet vóór 31 december 2026 door de Eerste Kamer zijn aangenomen.

Bekijk spaarrente

Bronnen : Tweede Kamer, overheid.nl, rendement.nl, welingelichtekringen.nl, pwc.nl

Dit artikel bevat algemene informatie en is geen persoonlijk financieel advies.

Artikel delen

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vanaf volgend jaar betalen deze spaarders opeens veel meer belasting

Snel naar onze berekeningen

Overwaarde berekenen

Vrijblijvend hypotheekgesprek

Gratis een vrijblijvend hypotheekgesprek zonder verplichtingen