A-  |  A+  |  Homepage  |  Favorieten  |  English version - international interest rates
Ga terug naar de hoofdpagina van HomeFinance Ga terug naar de hoofdpagina van HomeFinance
HYPOTHEEK
Alle onderwerpen
Ga naar de homepage – voor hypotheek, financieel advies en verzekeringen
HypotheekinformatieHypotheekrenteaftrekStandpunt politieke partijen 

Standpunt hypotheekrenteaftrek van politieke partijen

Aanpassingen politieke standpunten hypotheekrenteaftrek i.v.m. bezuinigingsakkoord
Nadat de PVV de bezuinigingsonderhandelingen voortijdig had beeindigd, heeft Premier Rutte op maandag 23 april het ontslag van het minderheidskabinet bij Koningin Beatrix ingediend. Vervolgens is er op donderdag 26 april door de “wandelgangencoalitie” (een gelegenheidsmeerderheid van de Tweede Kamer bestaande uit VVD, CDA, ChristenUnie, D66 en GroenLinks) alsnog een alternatief akkoord gesloten. Dit bezuinigingsakkoord, bijgenaamd het Kunduz-Akkoord, heeft als onderdeel een inperking van de hypotheekrenteaftrek. Vanaf januari 2013 moeten nieuwe hypotheken in 30 jaar volledig en ten minste annuïtair worden afgelost om in aanmerking te komen voor de hypotheekrenteaftrek (structurele besparing 5,4 mld).

Ook zullen er op 12 september 2012 nieuwe verkiezingen voor de Tweede Kamer plaatsvinden. Tot op heden hebben de politieke partijen op grond van dit bezuinigingsakkoord of de eerdere onderhandelingen binnen het minderheidskabinet geen officiële aanpassingen aan de politieke standpunten omtrent de hypotheekrenteaftrek gedaan. Zodra deze zullen plaatsvinden, zullen wij de standpunten aanpassen op deze informatiepagina over hypotheekrenteaftrek.
Er zijn veel standpunten en meningen over de hypotheekrenteaftrek, waarbij elk standpunt gebaseerd is op verschillende voordelen en nadelen van de hypotheekrenteaftrek. Zo zijn er veel economische en sociale instanties met uiteenlopende standpunten. Maar ook in de politiek is de hypotheekrenteaftrek een onderwerp van veel discussie met verschillende, uiteenlopende meningen. Op deze pagina vindt u een overzicht van de standpunten van de politieke partijen. De standpunten zijn zoveel als mogelijk gesorteerd vanaf volledig behouden tot volledig afschaffen.

CDA: hypotheekrenteaftrek behouden

Het CDA wil geen aanpassing van de hypotheekrenteaftrek, want dat zorgt voor teveel onrust op de woningmarkt. Het kan er bijvoorbeeld toe leiden dat mensen wachten met het kopen van een huis. Hierdoor wordt het voor starters moeilijker om een huis te kopen omdat er geen doorstroming is. Ook zullen de huizenprijzen dalen.

Huis als eigen bezit

De hypotheekrenteaftrek is een maatregel die goed is voor bezitvorming. Het CDA vindt het belangrijk dat mensen eigen bezit hebben. Voor veel mensen is hun eigen huis ook een investering of spaarpot voor de oude dag.

Maatregelen tot nu toe

De afgelopen jaren zijn er wel een aantal maatregelen genomen op het gebied van de hypotheekrenteaftrek. Deze maatregelen zijn vooral genomen om te grote schulden (zonder aflossing) terug te dringen. Het CDA is tegen overkreditering. Wij willen voorkomen dat mensen zich diep in de schulden steken. Dit zijn een aantal van de maatregelen die tot nu toe zijn genomen:
  • in 2001 is de aftrek beperkt tot dertig jaar
  • in 2004 is de bijleenregeling ingevoerd. Deze regeling bepaalt dat bij verkoop van een huis de overwaarde (= verkoopwaarde minus de hypotheekschuld) moet worden geïnvesteerd in een nieuwe woning om de maximale aftrek te behouden
  • per 1 januari 2005 is de wet Hillen (CDA) doorgevoerd. Deze wet bepaalt dat het eigenwoningforfait (EWF) op nul wordt gesteld als deze hoger is dan de aftrekbare rente. Dit is een stimulans voor mensen om hun schuld af te lossen
  • per 1 januari 2009 is het maximum voor het EWF komen te vervallen. Vanaf dat moment moet voor elke eigen woning een EWF worden berekend. Dit percentage bedroeg 0,55% voor alle woningen, maar voor woningen boven de één miljoen euro zal dit in de jaren 2010 tot en met 2016 in gelijke stappen worden verhoogd tot uiteindelijk 2,35% in 2016. Door deze wetgeving krijgen mensen met duurdere woningen te maken met een hoger EWF, wat betekent dat ze minder kunnen profiteren van de hypotheekrenteaftrek

Kabinetsplannen

Het kabinet wil ook het eigenwoningbezit bevorderen. Om het vertrouwen in de koopmarkt te versterken is daarom de overdrachtsbelasting tijdelijk verlaagd. Voor de periode van 15 juni 2011 tot 1 juli 2012 gaat het tarief van 6% naar 2%. De datum van de juridische overdracht van de woning is daarbij bepalend. De lagere overdrachtsbelasting is gunstig voor starters op de woningmarkt, zoals huurders die een woning willen kopen. Maar ook voor doorstromers, omdat die hun oude woning gemakkelijker kunnen verkopen. In combinatie met het handhaven van de hypotheekrenteaftrek moet de verlaging van de overdrachtsbelasting de doorstroming op de woningmarkt extra stimuleren.

VVD: hypotheekrenteaftrek behouden

Bij de VVD staat de hypotheekrenteaftrek als een huis. De VVD wil verantwoorde stimulering van eigenwoningbezit, de hypotheekrenteaftrek is daar een goed instrument voor. Afschaffing van de hypotheekrenteaftrek is niets anders dan een verkapte belastingverhoging. Voor huizenbezitters betekent het een enorme stijging van de maandelijks lasten als de aftrek wordt afgeschaft. Voor starters wordt het kopen van een huis veel duurder of zelfs onbereikbaar.

Dubbele hypotheekrenteaftrek

De VVD heeft ervoor gezorgd dat de periode waarin dubbele hypotheekrente mogelijk is wordt verlengd. Zo wordt voorkomen dat mensen die tijdelijk twee huizen hebben in de financiële problemen komen. Verkopers die hun woning tijdelijk verhuren, mogen na de verhuurperiode opnieuw de hypotheekrente aftrekken. Eerst was dat niet toegestaan.

PVV: hypotheekrenteaftrek behouden

"De PVV is glashelder: handen af van de hypotheekrenteaftrek. Deze zekerheid moet de Nederlandse huizenbezitter niet ontnomen worden", citeert De Telegraaf Wilders. "Ook VVD en CDA moeten hier hun rug recht houden."

SGP: hypotheekrenteaftrek voorlopig handhaven

Gelet op de economische crisis wil de SGP de hypotheekrenteaftrek de komende jaren handhaven. Wel wil de SGP in de komende periode onderzocht zien of een sociale vlaktaks tegelijkertijd kan worden ingevoerd met een belastingherziening wat betreft de eigen woning. Er mag alleen iets veranderen aan de hypotheekrenteaftrek als de gemiddelde huizenbezitter per saldo niet inlevert. Dat kan alleen als er sprake is van een gelijktijdige afschaffing van de overdrachtsbelasting en het eigen woningforfait, de invoering van een vlaktaks met een laag belastingtarief en een hervorming van de huurwoningmarkt. Daarom zijn geleidelijkheid en zorgvuldigheid cruciaal.

PVDA: hypotheekrenteaftrek nivelleren

De PVDA schaft de hypotheekrenteaftrek niet af, maar wil hem wel eerlijker maken. Zodat de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen, wonen betaalbaar blijft en starters zich makkelijker een koophuis kunnen veroorloven.

De oplossingen van de PVDA:

  • PVDA maximeert de aftrek op 52 procent, ook als het toptarief van 60 procent ingevoerd mocht worden. Anders zouden de hoogste inkomens nog extra aftrek krijgen, dat wil de PVDA niet.
  • Vervolgens bouwt de PVDA de aftrek vanaf 2015 af. Ze beginnen bij het 52 procent-tarief, dat daalt van 2015 tot 2025 met 1 procent per jaar. Dan is het tarief van 42 procent bereikt. Pas vanaf 2025 gaat het tarief voor iemand die nu tegen 42 procent aftrekt met 1 procent omlaag. Dat duurt dan nog 12 jaar. Voor iedereen is dus in 2037 het aftrektarief van 30% bereikt.
  • Het is dus niet zo dat voor mensen met lagere inkomens het tarief sneller wordt afgebouwd of dat zij eerder het 30%-tarief hebben; als je nu tegen 42 procent aftrekt, verandert er pas in 2025 iets. Voor de hoogste inkomens is dat 10 jaar eerder.
  • Naast het gelijktrekken van het aftrektarief voor iedereen, maximeert de PVDA ook de hypotheekschuld waarover iemand aftrek krijgt. Deze maximeert de PVDA in 2015 op 1 miljoen euro. Daarna verlagen ze dit maximum heel geleidelijk in 30 jaar tot de gemiddelde woningwaarde.
  • Dit betekent dat in de eindsituatie voor iedereen de hypotheekrente aftrekbaar is tegen 30 procent, en dat de hypotheekrente van een gewone, gemiddelde woning volledig aftrekbaar is. Dit is eerlijk en sociaal; mensen worden geholpen met het kopen van een woning, maar villa’s worden niet langer gesubsidieerd. Het geld dat hiermee bespaard wordt gebruikt de PVDA om de belasting op arbeid te verlagen, zodat werken loont.

D66: geleidelijke hervorming gehele woningmarkt, dus ook hypotheekrenteaftrek

Het systeem van de hypotheekrenteaftrek leidt er toe dat de fiscale bevoordeling door de overheid –relatief en absoluut- toeneemt met de stijging van het inkomen. Tegelijkertijd zorgt het ervoor dat Nederlandse gezinnen hoge hypotheekschulden hebben en weinig aflossen. D66 wil het systeem hervormen zodat het weer doet waarvoor het is bedoeld: het stimuleren van het kopen van een eigen huis. De fiscale aftrek zal echter meer gericht worden ingezet, waardoor vooral starters profijt hebben van de regeling.

Bij dit alles past wel een kanttekening: hervormingen op de woningmarkt kunnen alleen voorzichtig en geleidelijk. Daarom is D66 voorstander van zorgvuldige overgangstermijnen. In hun voorstellen hanteert D66 een aantal uitgangspunten: allereerst voeren zij wijzigingen geleidelijk en voorspelbaar door om onrust op de woningmarkt te voorkomen. Ten tweede willen zij af van de perverse prikkel om met zo veel mogelijk schulden en een zo laag mogelijke aflossing een huis te financieren. Ten derde willen ze de bevoordeling van mensen met hoge inkomens geleidelijk afbouwen. De hypotheekrenteaftrek is niet bedoeld voor inkomenspolitiek. Tenslotte streeft D66 uiteindelijk naar een versimpeling van de regels.

Daarom stelt D66 een geleidelijke hervorming van de hypotheekrenteaftrek voor. Uitmondend tenslotte in een stelsel waarbij ze fiscaal uitgaan van een aflossing van elke hypotheek in 30 jaar en waarbij alle inkomensgroepen tegen hetzelfde percentage van 30% de hypotheekrente mogen aftrekken:
  • Hypotheekrenteaftrek gaat uit van een lineaire aflossing.
    Op dit moment is er een ‘boete’ op het aflossen van een hypotheek. Met elke aflossing daalt immers de hoofdsom waarover fiscaal aftrekbare rente wordt betaald. D66 wil zich niet mengen in de wijze waarop mensen hun hypotheek structureren. Maar wil wel af van prikkels die leiden tot minder aflossen of tot hypotheekvormen met maximale schulden. Bij de renteaftrek gaat D66 daarom uit van een aflossing in dertig jaar. Elk jaar daalt de som waarover rente afgetrokken mag worden met 3,3%. Fiscaal neemt D66 daarmee een lineaire aflossing in dertig jaar aan. Voor bestaande hypotheken begint deze lineaire afbouw van het aftrekken van de hypotheekrente bij de inwerkingtreding van deze regeling. Voor zover zonder deze maatregel geen rente meer mag worden afgetrokken verhuist het corresponderende deel van de schuld naar de sparen en beleggen box. Het belang van de betrouwbaarheid van de overheid staat de terugwerkende kracht van deze regeling in de weg.
  • Gelijk trekken hoogste belastingtarieven voor hypotheekrenteaftrek.
    Om de fiscale bevoordeling van huizenbezitters met hoge inkomens geleidelijk te verminderen wordt over een periode van tien jaar het toptarief waartegen kan worden afgetrokken, nu 52%, jaarlijks met een procent verminderd. Over tien jaar is daarmee het maximale belastingtarief waartegen hypotheekrente kan worden afgetrokken teruggebracht tot 42%. Deze geleidelijke aanpassing draagt bij aan duurzame overheidsfinanciën op de langere termijn, maar voorkomt ongewenste korte termijn effecten voor de financiën van woningbezitters.
  • Hypotheekrenteaftrek naar zijn eerlijkste vorm.
    Als na tien jaar de woningmarkt inderdaad gezonder is, volgt een laatste verandering. In twaalf opvolgende jaren daalt het hoogste aftrektarief van 42% telkens met een procent, tot uiteindelijk (vanaf nu na 22 jaar) 30%. Een tarief dat dan geldt voor iedereen, waarna overwogen kan worden om de gehele hypotheekschuld naar box 3 over te brengen. Daarmee wordt de fiscale behandeling nog eerlijker en simpeler uit te voeren. Deze hervormingen gelden voor bestaande en nieuwe hypotheken. Dat moet, want anders gaat de woningmarkt op slot.
  • Overdrachtsbelasting en eigen woningforfait verdwijnen geleidelijk.
    D66 is van mening dat bij de geleidelijke afbouw van de hypotheekrenteaftrek uiteindelijk ook de overdrachtsbelasting en het eigen woningforfait moeten verdwijnen. Om starters te helpen wordt de overdrachtsbelasting voor hen met ingang van 2011 afgeschaft. Gezien de huidige financiële ruimte wordt tijdelijk gewacht met het afschaffen van de overdrachtsbelasting en het eigen woningforfait voor niet-starters. Het definitieve moment van en tempo van afschaffen wordt uiteindelijk in 2014 bepaald. Geleidelijke afschaffing zal in ieder geval niet later plaatsvinden dan gelijktijdig met de verlaging van de hypotheekrenteaftrek van 42% naar 30%. De eigen woning blijft gedurende deze transitieperiode fiscaal in Box 1.

Groen Links: hypotheekrenteaftrek geleidelijk afbouwen

GroenLinks vindt het belangrijk dat mensen zonder zorgen kunnen wonen. Dat betekent dat huizen betaalbaar zijn starters een eerlijke kans krijgen op een gezonde woningmarkt. In plaats van een regeling die vooral de hoogste inkomens bevoordeelt wil GroenLinks een eerlijke verdeling voor iedereen. Naast het afbouwen van de hypotheekrenteaftrek worden ook het eigenwoningforfait en de overdrachtsbelasting afgeschaft. De prijzen van koophuizen stijgen minder hard en er komen meer woningen beschikbaar voor lagere inkomens.

Over vijf jaar worden eigenaren van de duurste huizen vanaf 1 miljoen niet meer gesubsidieerd. In 2030 is het plafond 500.000 euro. Alle hypotheekschulden boven een half miljoen euro vallen niet meer onder de hypotheekrenteaftrek. Mensen met een huis van bijvoorbeeld 300.000 euro - wat in 2010 de gemiddelde huizenprijs is - krijgen pas vanaf 2035 te maken met het nieuwe systeem. Voor die tijd kunnen zij rekening houden met de komende veranderingen en bijvoorbeeld besluiten af te gaan lossen, waardoor ze de rente wat langer af kunnen trekken.

Door de ruime periode waarin de aftrek wordt afgebouwd krijgen huiseigenaren de gelegenheid om hierop te anticiperen. Zo krijgt iedereen tussen 2015 en 2040 de mogelijkheid om door aflossing van zijn hypotheek mee te bewegen met de nieuwe regeling.

ChristenUnie: hypotheekrenteaftrek geleidelijk beperken

De ChristenUnie wil wijzigingen in de fiscale behandeling van het eigenwoningbezit behoedzaam en geleidelijk doorvoeren, zodat de woningmarkt rustig blijft en de solidariteit tussen generaties niet wordt aangetast. Mensen voor wie het moeilijk is om huisvesting te bekostigen - onder wie starters - krijgen een extra steuntje in de rug. De baten van de overheidsstimulering van het eigen woningbezit worden evenwichtiger verdeeld over hogere en lagere inkomensgroepen. Het aflossen van hypotheekschulden wordt gestimuleerd. De ChristenUnie wil dit als volgt bereiken:
  • Lenen en aflossen horen bij elkaar. In het huidige systeem van hypotheekrenteaftrek zijn lenen en aflossen van elkaar losgeraakt. De ChristenUnie wil aflossen bevorderen en is daarom voorstander van een systeem waarin een annuïtaire belastingaftrek gedurende 30 jaar wordt gehanteerd. Deze maatregel gaat gelden voor nieuwe gevallen.
  • De hypotheekrente wordt aftrekbaar tot een woningschuld van maximaal € 750.000. Met deze keuze worden de gevolgen voor de woningmarkt geminimaliseerd.
  • De hypotheekrenteaftrek wordt in een periode van 22 jaar met jaarlijks 1 procent afgebouwd, totdat een voor iedere woningeigenaar gelijke hypotheekrenteaftrek is bereikt van 30 procent. Dit is gelijk aan het belastingpercentage van box 3.
  • Voor nieuwe gevallen wordt de hypotheekrenteaftrek gelijk beperkt tot 42 procent (belastingpercentage derde schijf van box 1). Vervolgens start over 10 jaar (vanaf 2020) de afbouw van dit percentage met 1 procent per jaar; dit loopt mee met de hiervoor beschreven geleidelijke beperking van de hypotheekrenteaftrek, totdat een aftrek van 30 procent is bereikt.
  • Starters mogen niet de dupe van deze maatregelen worden. Zodra deze maatregelen van kracht worden, moet de overdrachtsbelasting voor starters worden geschrapt. Op termijn wil de ChristenUnie de overdrachtsbelasting geheel afschaffen.

Partij voor de Dieren: hypotheekrenteaftrek geleidelijk beperken

Bij het verstrekken van huursubsidie c.q. de aftrek van hypotheekrente moet de overheid toezien op een evenredige verdeling van de overheidssteun. Onbeperkte aftrek van hoge hypotheken past daar niet bij. De Partij voor de Dieren wil ook af van fiscale prikkels die stimuleren tot het hebben van schulden en die het aflossen van een hypotheek "beboeten". Systeemwijzigingen dienen echter geleidelijk te worden ingevoerd om ernstige verstoring van de woningmarkt en het schaden van het vertrouwen van de burger te voorkomen, met behoud van rechtszekerheid van mensen die al een hypotheek hebben afgesloten.
  • de aftrek van hypotheekrente blijft, maar wordt op korte termijn beperkt tot een hypotheekschuld van maximaal € 750.000 en geleidelijk verder teruggebracht tot € 500.000. Iedereen heeft 30 jaar recht op aftrek van een annuïtair dalend percentage van de hypotheekrente. Via een geleidelijke invoering wordt het aftrekpercentage afgetopt op 42%.
  • de overdrachtsbelasting voor woningen wordt gedifferentieerd naar energieverbruik, waarbij kopers minder overdrachtsbelasting betalen voor een energiezuinige woning én als ze na aankoop tijdens de verbouwing alsnog forse energiebesparende maatregelen toepassen. De overdrachtsbelasting voor woningen die niet zuinig zijn wordt overeenkomstig verhoogd.
  • Er komt een tijdelijke verlaging van de overdrachtsbelasting om de huizenmarkt een impuls geven.
  • Mensen die hun huis in de verkoop hebben staan, terwijl ze al een ander huis hebben gekocht hebben tijdelijk recht op een dubbele hypotheekrenteaftrek.

SP: hypotheekrenteaftrek maximeren en aflossen fiscaal stimuleren

De SP wil de renteaftrek voor alle huishoudens garanderen tot de rente over de eerste € 350.000 hypotheekschuld, tegen een maximale belastingaftrek van 42 procent. De SP wil daarnaast dat het aflossen van de hypotheekschuld fiscaal het voordeligst wordt. Concreet betekenen de voorstellen van de SP dat er voor een huishouden met een inkomen van € 50.000 en een hypotheek van € 300.000 niets verandert. Een huishouden met een inkomen van € 100.000 en een hypotheek van € 500.000 zal ook de rente over de eerste € 350.000 hypotheekschuld tegen 42 procent mogen aftrekken. Dit laatste wil de SP binnen 10 jaar bereiken zodat de woningmarkt de fiscale veranderingen rustig kan verwerken.

Maar niet alleen de politiek houdt zich druk bezig met de hypotheekrenteaftrek. Ook diverse instanties hebben gevraagd en ongevraagd een mening over wat goed is voor de Nederlandse woningmarkt en wat er met de hypotheekrenteaftrek zou moeten gebeuren.
We bieden daarom ook een overzicht met de standpunten van de overige instanties.