HomeFinance Hypotheken

Belastingtarieven 2014: Overzicht en Uitleg

Heb jij vragen over:
"Belastingtarieven 2014: Overzicht en Uitleg"
In 2014 kende de schenkbelasting verschillende tarieven, variërend van 10% tot 40%, afhankelijk van de relatie en het bedrag. Ook voor de erfbelasting waren er in dat jaar vaste tarieven, zoals €19.868 voor (klein)kinderen. Op deze pagina leest u een overzicht en uitleg van deze belastingtarieven uit 2014.

Wat zijn belastingtarieven en belastingschijven?

Belastingtarieven en belastingschijven bepalen hoeveel belasting u betaalt over uw inkomen. In Nederland worden deze tarieven en schijven jaarlijks aangepast via belastingwetgeving. Dit systeem zorgt voor een progressieve belastingdruk, waarbij u een hoger percentage betaalt naarmate uw inkomen stijgt.

Voor 2014 gold bijvoorbeeld dat de vennootschapsbelasting tarieven had die verdeeld waren over schijven voor het belastbaar inkomen. Een ander voorbeeld is het maximale aftrektarief voor de eigen woning, dat 51,50% bedraagt. Dit helpt om de belastingheffing eerlijk te verdelen.

Tarief en schijven voor personen jonger dan AOW-leeftijd

Voor personen jonger dan de AOW-leeftijd golden in 2014 specifieke belastingtarieven in box 1. Het inkomen tot €19.645 viel in schijf 1 met een tarief van 36,25%. Voor schijf 2 en 3, met inkomen van €19.646 tot €56.531, bedroeg het tarief 42,00%. Vanaf €56.532 betaalde men in schijf 4 een tarief van 52,00% over het belastbaar inkomen.

Tarief en schijven voor personen vanaf AOW-leeftijd

Voor personen die in 2014 de AOW-leeftijd hadden bereikt, golden specifieke belastingtarieven in box 1, afhankelijk van de geboortedatum. Voor wie geboren was vanaf 1 januari 1946, gold een tarief van 18,35% over inkomen tot €19.645. Voor inkomen van €19.646 tot €33.363 was dit 24,1%, en voor inkomen van €33.364 tot €56.531 gold 42%. Boven €56.531 bedroeg het tarief 52%. Voor wie geboren was vóór 1 januari 1946, gold eveneens 18,35% tot €19.645. Het tarief van 24,1% gold voor inkomen van €19.646 tot €33.555. Daarboven, voor inkomen van €33.556 tot €56.531, was het tarief 42%, en voor inkomen boven €56.531 gold 52%.

Specifieke regels voor eigen woning in box 1

Specifieke regels voor de eigen woning in box 1 bepalen wanneer uw woning fiscaal als zodanig wordt behandeld. Een woning geldt als eigen woning in box 1 als u of uw fiscale partner eigenaar is en de woning uw hoofdverblijf is, volgens de Belastingdienst. U kunt maximaal één woning als hoofdverblijf hebben voor box 1. De eigenwoningschuld omvat het deel van een hypotheek of lening dat u gebruikt voor het kopen, verbeteren of onderhouden van uw eigen woning; leningen voor consumptieve uitgaven vallen hier niet onder. De rente over deze schuld is aftrekbaar tot maximaal het berekende bedrag van de eigenwoningschuld. De Belastingdienst berekent deze schuld door de aankoopsom, aankoopkosten en leningen voor onderhoud of verbouwing op te tellen. Een huurwoning of verhuurd pand is geen eigen woning in box 1. Als fiscale partners elk een eigen woning hebben, kiest u samen welke woning het hoofdverblijf is voor box 1; van die woning trekt u de rente af en telt u het eigenwoningforfait bij uw inkomsten op. Een woning die u deels voor uw onderneming gebruikt, kan slechts gedeeltelijk als eigen woning in box 1 gelden.

Belastingtarieven in box 2 voor 2014

In 2014 werd het belastingtarief in box 2 verlaagd van 25% naar 22%. Dit verlaagde tarief gold voor het belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang tot €250.000. Ook belaste uitkeringen die u als privépersoon vanuit uw BV ontving, vielen onder dit lage tarief. De BV hield 15% dividendbelasting in en u betaalde zelf 7% bij in box 2. Voor fiscale partners gold een gezamenlijke drempel van €500.000.

Vrijstellingen en tarieven in box 3

In 2014 kende de box 3 belasting, die over vermogen wordt geheven, specifieke vrijstellingen en tarieven. U betaalde belasting over een fictief rendement, niet over uw werkelijke opbrengst, zodra uw vermogen boven het heffingsvrij vermogen kwam. Bezittingen zoals uw primaire woning, inboedel, auto en pensioen waren vrijgesteld van box 3 belasting. Het heffingsvrij vermogen in box 3 bedroeg in 2014 €21.139 per persoon. Voor fiscale partners gold een gezamenlijk heffingsvrij vermogen van €42.278. Het belastingtarief in box 3 was 30% over een fictief rendement van 4% van de grondslag sparen en beleggen, wat neerkwam op een effectief tarief van 1,2% over het belastbaar vermogen. Voor aftrekbare schulden gold in 2014 een drempel van €2.900 per persoon. Groene beleggingen profiteerden in 2014 van een vrijstelling tot €56.420 per persoon en een heffingskorting van 0,7% van het vrijgestelde bedrag.

Vennootschapsbelasting tarieven in 2014

De vennootschapsbelasting kende in 2014 tarieven verdeeld over schijven. Dit betekende dat de hoogte van de belasting afhing van de winst van een onderneming. Voor belastbaar inkomen vanaf €200.001 gold een tarief van 25,0%. Lagere winsten vielen onder een ander tarief. Deze structuur was belangrijk voor bedrijven om hun fiscale positie te bepalen.

Vergelijking van belastingtarieven 2014 met andere jaren

De belastingtarieven van 2014 geven inzicht in de belasting op inkomsten en vermogen in dat jaar. Zo varieerde de schenkbelasting voor kinderen van 10% tot 20%, terwijl overige verkrijgers tot 40% betaalden. Voor de erfbelasting golden in 2014 specifieke bedragen, zoals €2.092 voor overige verkrijgers en €47.053 voor ouders. De inkomstenbelasting in de tweede schijf bedroeg 24,1%. Deze tarieven zijn in de jaren erna gewijzigd; zo steeg de erfbelasting voor overige verkrijgers naar €2.111 in 2015.

Belastingtarieven box 1 door de jaren heen

In 2014 waren de belastingtarieven in box 1 als volgt verdeeld over de schijven: * Voor inkomens tot €19.645 gold een tarief van 36,25%. * Voor inkomens van €19.645 tot €55.991 bedroeg het tarief 42%. * Voor inkomens vanaf €55.991 was het tarief 52%.

Ontwikkeling van tarieven in box 2 en box 3

De ontwikkeling van de belastingtarieven in box 2 en box 3 toont significante wijzigingen sinds 2014. In 2014 gold voor box 2 een tarief van 22% voor het belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang tot €250.000. Vanaf 2024 wijzigde het box 2-tarief naar een tweeschijvenstelsel. Het basistarief bedraagt 24,5% voor de eerste €67.000. Voor het bedrag daarboven geldt een verhoogd tarief van 31%. Dit hogere tarief van 31% geldt ook vanaf 1 januari 2025 voor inkomen boven €67.000. Voor box 3 steeg het tarief per 2024 naar 36%.

Hoe bereken je de belasting over inkomen in 2014?

U berekent de belasting over uw inkomen in 2014 door de verschillende belastingschijven en bijbehorende tarieven toe te passen. Voor personen jonger dan de AOW-leeftijd gold in 2014 een tarief van 52,00% voor inkomen vanaf €56.532. Hoe u per schijf rekent en de invloed van de AOW-leeftijd, leest u hieronder.

Belastingtarieven voor specifieke situaties in 2014

In 2014 kende de belastingwetgeving specifieke regels en tarieven voor diverse situaties. Zo was de aftrek van hypotheekrente voor de eigen woning beperkt tot maximaal 51,5%, en werd de algemene heffingskorting verminderd bij hogere inkomens. Verder waren er wijzigingen in de loon- en inkomstenbelasting, zoals een verlenging van de derde schijf en een verlaging van tarieven in de tweede, derde en vierde schijf. Dit leidde ertoe dat sommige inkomensgroepen meer belasting betaalden door het niet toepassen van inflatiecorrectie. Ook waren er specifieke regelingen voor voertuigen, zoals een teruggaaf van BPM voor taxi’s en vrijstelling van MRB voor omgebouwde personenauto’s.

Personen met AOW-leeftijd bereikt

In 2014 golden voor personen met AOW-leeftijd specifieke belastingtarieven in box 1. Het belastingtarief in schijf 1 was 18,35%. Voor schijf 2 betaalde je 24,10% belasting. In schijf 3 gold een tarief van 42,00%. Het hoogste tarief van 52,00% was van toepassing in schijf 4. Deze belastingtarieven 2014 waren anders dan voor jongere belastingbetalers.

Ondernemers en directeur-grootaandeelhouders (DGA)

In 2014 golden voor ondernemers en directeur-grootaandeelhouders (DGA’s) specifieke belastingregels. Het tarief in box 2 voor inkomen uit aanmerkelijk belang was 22% tot €250.000. Boven dit bedrag gold een tarief van 25%. Voor DGA’s met een fiscale partner kon een dividenduitkering tot €500.000 tegen 22% worden belast. Een stamrechtaanspraak werd in dat jaar belast over 80% van de uitkering. Bij afkoop van een stamrecht was de revisierente 0%. Resultaten uit terbeschikkingstellingswerkzaamheden waren voor 12% vrijgesteld van inkomstenbelasting.

Invloed van WOZ-waarde op belasting in box 3

De WOZ-waarde van uw woning vormde in 2014 de basis voor de vermogensrendementsheffing in box 3. Deze waarde, vastgesteld door de gemeente, telde mee voor de berekening van uw vermogensbelasting. Het was daarom belangrijk de WOZ-waarde goed te controleren. Een hogere WOZ-waarde kon namelijk leiden tot een hogere belasting over uw vermogen.

Download en overzicht van belastingtarieven 2014

Een overzicht van de belastingtarieven en belangrijke wijzigingen van 2014 helpt u de fiscale situatie van dat jaar te begrijpen. De aftrek van hypotheekrente en -kosten was in 2014 beperkt tot maximaal 51,5%. Voor de tweede schijf van de hypotheekrenteaftrek gold een tarief van 44%.

Het Belastingplan 2014 bracht diverse aanpassingen. Zo werd de derde schijf van de loon- en inkomstenbelasting geleidelijk verlengd. De tarieven van de tweede, derde en vierde schijf van de loon- en inkomstenbelasting werden verlaagd. Tegelijkertijd werden de algemene heffingskorting en de arbeidskorting fors verhoogd. De afbouw van de algemene heffingskorting voor de minstverdienende partner werd voortgezet. Sommige belastingplichtigen met inkomen in de tweede, derde en vierde schijf betaalden meer belasting door het niet toepassen van inflatiecorrectie, met respectievelijk €19 en €114. Voor inkomen uit aanmerkelijk belang gold in 2014 een tarief van 22% tot €250.000, en 25% daarboven. De erfbelasting voor overige verkrijgers bedroeg in 2014 €2.092.

Hypotheek en maandlasten: hypotheekrente Rabobank en maandlasten hypotheek berekenen

De Rabobank biedt een online hypotheekcalculator aan om uw maximale hypotheek en maandlasten te schatten. Deze dienst helpt u als woningkoper snel een beeld te krijgen van uw financiële mogelijkheden. U kunt de berekening via de online tool van Rabobank binnen vijf minuten afronden. Voor een snelle inschatting is deze online tool een uitstekend startpunt.

Met deze online tool berekent u zowel de bruto als netto maandlasten voor uw hypotheek. Het toont u ook mogelijke hypotheekbedragen. Als Rabobank-klant kunt u hiermee uw hypotheekbedrag en maandlasten berekenen. Deze eerste stap helpt u uw maximale hypotheek en maandlasten te schatten voordat u het volledige aanvraagproces start. Hoewel de calculator een goede indicatie geeft, is het belangrijk te onthouden dat dit een schatting is.

Welke vrijstellingen golden in box 3 in 2014?

In 2014 gold in box 3 een vrijstelling voor de vermogensrendementsheffing. Deze vrijstelling bedroeg €21.139,- per persoon. U betaalde over dit bedrag geen belasting, omdat het als belastingvrij vermogen werd gezien.

Door onze homefinance auteur

belastingtarieven 2014
Heb jij vragen over:
"Belastingtarieven 2014: Overzicht en Uitleg"

Vrijblijvend hypotheekgesprek

Gratis een vrijblijvend hypotheekgesprek zonder verplichtingen