English version - international interest rates

Belastingtarieven 2011

Belastingen 2011 - box 1

In box 1 worden het inkomen uit werk en woning belast. Hieronder ziet u de belastingtarieven voor de inkomstenbelasting voor box 1 voor het jaar 2011. Voor de belastingtarieven in andere jaren, zie de links onderaan deze pagina.

Inkomsten in box 1 tot 65 jaar vanaf 65 jaar
IB Schijf 1: t/m 18.628 33,00% 15,10%
IB Schijf 2: 18.629 t/m 33.436 41,95% 24,05%
IB Schijf 3: 33.437 t/m 55.694 42,00% 42,00%
IB Schijf 4: vanaf 55.695 52,00% 52,00%

Voor meer info over box 1, klik hier

Belastingen 2011 - box 2

In box 2 wordt het inkomen uit aanmerkelijk belang belast. In box 2 geldt een vast tarief over het gehele belastbare inkomen. Voor het jaar 2011 is dat basistarief 25%.

Voor meer info over box 2, klik hier

Belastingen 2011 - box 3

In box 3 worden de (fictieve) inkomsten uit sparen en beleggen belast. Over het belastbaar inkomen in box 3 geldt voor het jaar 2011 1,2% vermogensrendementsheffing. Hierbij heeft iedere belastingplichtige over 2011 een heffingvrij vermogen van 20.785 euro. Belastingplichtigen die het gezag uitoefenen over minderjarige kinderen, hebben over het jaar 2011 bovendien recht op een extra heffingvrij vermogen van 2.779 euro per kind (per ouderlijk stel).

Voor meer info over box 3, klik hier

Erfbelasting en schenkbelasting

Sinds 1 januari 2010 geldt de nieuwe Successiewet. In de nieuwe Successiewet zijn de tarieven voor de erfbelasting (voorheen successierechten) en schenkbelasting (voorheen schenkingsrechten) in de meeste situaties fors verlaagd. Bovendien gelden andere vrijstellingen. Hieronder ziet u een overzicht van deze tarieven en vrijstellingen.

De hoogte van de belastingtarieven en de mogelijke vrijstellingen, zijn afhankelijk van de band die bestaat tussen de ontvanger en de overledene (bij schenkbelasting schenker). Hierbij geldt de volgende groepsindeling:

  • Groep 1:     partners en kinderen
  • Groep 1A:  kleinkinderen
  • Groep 2:     andere verkrijgers
Belaste verkrijging (2010) Groep 1 Groep 1A Groep 2
0 - 118.708 10% 18% 30%
118.709 en hoger 20% 36% 40%

Het tarief is een zogenaamd schijventarief. Dat wil zeggen dat iemand in Groep 1 over de eerste .118.708,00 10% belasting moet betalen. Indien meer wordt verkregen, moet over het meerdere 20% erfbelasting worden betaald.

Bij de erfbelasting gelden de volgende vrijstellingen:

Verkrijger Vrijgesteld bedrag (2011)
Echtgenoot / geregistreerd partner 603.600
Ongehuwd samenwonenden met samenlevingscontract, minimaal 6 maanden samengewoond voor overlijden. Zonder samenlevingscontract minimaal 5 jaar samengewoond. 603.600
Kinderen en kleinkinderen 19.114
Zieke en gehandicapte kinderen 57.342
Ouders 45.270
Kerkelijke, levensbeschouwelijke, charitatieve, culturele, wetenschappelijke of het algemeen nut beogende instellingen Vrijgesteld
Andere verkrijgers 2.012

Voor meer info over de erfbelasting, klik hier

De belastingtarieven die geheven worden over schenkingen zijn exact gelijk als de hierbovenvermelde successietarieven. Er gelden echter andere vrijstellingen.

Wij hebben de vrijstellingen bij schenking voor het jaar 2011 hieronder voor u op een rij gezet.

Verkrijger Vrijgesteld bedrag (2011) 
Kinderen 5030
Kinderen tussen 18 en 35 jaar (eenmalig, algemeen doel) 24.144
Kinderen tussen 18 en 35 jaar (eenmalig, schenking aangewend voor aankoop huis of studie) 50.300
Kerkelijke, levensbeschouwelijke, charitatieve, culturele, wetenschappelijke of het algemeen nut beogende instellingen Vrijgesteld van schenkbelasting
Andere verkrijgers 2.012

Voor meer info over de schenkbelasting, klik hier

Belangrijkste heffingskortingen 2011

Een heffingskorting is een bedrag dat in mindering wordt gebracht op de te betalen belasting.

Hieronder vindt u een overzicht van de belangrijkste heffingskortingen in het jaar 2011:

Verkrijger Bedrag Perc Toelichting
Algemene heffingskorting (tot 65 jaar) 1.987   Geldt voor iedere belastingplichtige die jonger is dan 65 jaar.
Algemene heffingskorting (vanaf 65) 910   Geldt voor iedere belastingplichtige die 65 jaar of ouder is.
Maximale arbeidskorting lagere inkomens
  • tot 57 jaar
  • 57, 58 of 59 jaar
  • 60 of 61 jaar
  • 62, 63 of 64 jaar
  • 65 jaar en ouder


1.574 (max)
1.838 (max)
2.100 (max)
2.362 (max)
1.081 (max)
  Geldt voor iedereen die een inkomen heeft uit tegenwoordige arbeid. De arbeidskorting is afhankelijk van inkomen en leeftijd.
Maximale arbeidskorting hogere inkomens (vanaf 50.287 euro bruto)
  • tot 57 jaar
  • 57, 58 of 59 jaar
  • 60 of 61 jaar
  • 62, 63 of 64 jaar
  • 65 jaar en ouder


1.497 (max)
1.761 (max)
2.023 (max)
2.285 (max)
1.046 (max)
  Geldt voor iedereen die een inkomen heeft uit tegenwoordige arbeid. De arbeidskorting is afhankelijk van inkomen en leeftijd.
Doorwerkbonus
  • 62 jaar
  • 63 jaar
  • 64 jaar
  • 65 jaar
  • 66 jaar
  • 67 jaar en ouder

2.354 (max)
3.295 (max)
4.708 (max)
942 (max)
942 (max)
471 (max)

5%
7%
10%
2%
2%
1%
Geldt voor werkende mensen van 62 jaar en ouder met een inkomen uit werk van tenminste 9.209 en maximaal 56.280.
Combinatiekorting (inkomensafhankelijk) 1.871 (maximaal)   Geldt voor minstverdienende partners en alleenstaande ouders (inkomen > 4.734) die de zorg hebben voor kinderen onder de 12 jaar.
Alleenstaande ouderkorting 931   Geldt voor alleenstaande ouders die samenwonen met kinderen die jonger zijn dan 27 jaar. Dit bedrag wordt vermeerderd met 4,3% van het arbeidsinkomen, maar maximaal met 1.523 euro indien het kind bij de aanvang van het kalenderjaar de leeftijd van 16 jaar niet heeft bereikt.
Ouderenkorting 739   Geldt voor belastingplichtigen van 65 en ouder die een verzamelinkomen hebben van niet meer dan 34.857.
Alleenstaande ouderenkorting 421   Geldt voor iedere belastingplichtige die recht heeft op een AOW-uitkering voor alleenstaanden.
Jonggehandicaptenkorting 696   Geldt voor mensen die een Wajonguitkering ontvangen en die niet in aanmerking komen voor een ouderenkorting.
Levensloopverlofkorting 201 (maximaal per spaarjaar)   Geldt voor mensen die gespaard hebben binnen de levensloopregeling. Het bedrag bedraagt maximaal 201 voor elk jaar, waarin u geld gestort hebt in uw levensloopregeling.

Voor meer info over heffingskortingen, klik hier

Historische belastingtarieven

Via onderstaande links kunt u de historische belastingtarieven van de laatste jaren achterhalen.

Laagste hypotheekrente

(met Nat. Hypotheek Garantie)

1 jaarArgenta1,10 %
5 jaarObvion1,15 %
10 jaarABN AMRO1,58 %
15 jaarAllianz2,01 %
20 jaarAllianz2,15 %
Vergelijk alle hypotheekrentes

Persoonlijke lening

(rentecontrole: 17-11-2017)

5.000Lender en Spender5,70 %
10.000Findio5,10 %
15.000Freo4,40 %
25.000DEFAM4,10 %
50.000DEFAM4,10 %
Volledig overzicht persoonlijke lening